Verspreiding Erwinia

Voor Erwinia zijn de volgende soorten verspreiding beschreven:
  • korte afstand (0-200 m): insecten, regen, wind, vogels en mens;
  • middel grote afstand (200 m-10 km): bloembezoekende insecten, vogels, wind en mensen;
  • grote afstand (10 km): plantmateriaal, wind en trekvogels.

Regen is waarschijnlijk de belangrijkste vector: dat bleek bij een primaire infectie in de top van een perenboom, waarbij regenval een kegelvormige verspreiding naar beneden gaf. Bij windverspreiding wordt de bacterie vaak meegevoerd in druppeltjes dauw of regenwater. Echter ook bacteriedraden kunnen over grote afstand meegevoerd worden.

Talrijke waarnemingen hebben aangetoond dat:

  • bloembezoekende insecten zelden in contact komen met slijm uit kankers;
  • vliegen, mieren en andere kruipende insecten vaak in contact komen met
    bacterieslijm, of zich ermee voeden;
  • bijen behulpzaam zijn bij de verspreiding van bloem tot bloem.

Erwinia amylovora kan zich enige tijd handhaven in het darmkanaal van bijvoorbeeld de vlieg. Zelfs de eitjes van een vlieg kunnen aan de buitenkant besmet zijn, indien de moeder met de bacterie in contact is geweest. Er zijn ook luizen die de bacterie tot 72 uur bij zich kunnen dragen. Per luis moeten 150-200 bacteriën aanwezig zijn, om een sterke infectie te veroorzaken. Een lager aantal kan wel een oorzaak zijn voor de vorming van een latente infectie. Vogels gebruiken meidoorn vaak als slaap- en rustplaats. Op deze manier kunnen zij aan snavel en poten besmet raken met slijm, waarna zij dit kunnen overbrengen naar gezonde bomen of struiken.
Er is ooit een proef gedaan, waarbij vogels besmet werden met Erwinia. Na 8 dagen was Erwinia nog steeds terug te vinden in hun uitwerpselen en op hun poten.
Verder is ook bekend dat bacterievuur het eerst gevonden is op de jaarlijkse spreeuwenroute van Engeland naar Oosteuropa.

Mensen dragen bij aan de verspreiding van bacterievuur door:

  • met besmet gereedschap door te snoeien in gezonde bomen;
  • bacteriën met besmet fruit zowel te importeren, als te exporteren;
  • het transport van besmet plantmateriaal of enthout.